‘In ons leven zit nu meer regelmaat’

Willemijn: „Eigenlijk zouden we nu helemaal niet in Utrecht wonen, maar ergens in Afrika. Ik ben tropenarts en het laatste deel van mijn opleiding zou ik in het buitenland doen en daar zouden we dan een paar jaar blijven. Jos had daar willen gaan werken als correspondent.”

Jos: „We hadden ons huis hier al onderverhuurd.”

Willemijn: „Toen bleek dat onze zoon Anne een aandoening heeft waardoor hij de eerste paar jaar het beste onder medische controle in Nederland kan blijven.”

Jos: „Maar op een dag gaan we echt naar Afrika, want dat is onze gemeenschappelijke droom. Willemijn is in haar tussenjaar in Kenia geweest, heeft co-schappen gelopen in Malawi; ik heb twaalf landen in Afrika bezocht en heb in Gambia en Malawi gewerkt als docent geografie. Nu maak ik Africast, een podcast over geschiedenis, politiek en ondernemen in Afrika.”

Willemijn: „Al tijdens onze eerste date kwam Afrika ter sprake. We delen een hang naar ‘iets doen’ voor de wereld en willen allebei onze horizon verbreden. Daar moet je samen voor gaan en dan moet je niet een partner kiezen die de toekomst op de Zuidas ziet. Die gedeelde droom gaf ons een klik.”

Jos: „We zijn allebei avontuurlijk.”

Willemijn: „Nu we voorlopig niet naar Afrika kunnen, ben ik gynaecologie en verloskunde als tweede specialisatie gaan doen. Ik wil graag een opleidingsplek in dat vakgebied, maar dat is niet eenvoudig: er zijn veel gegadigden en weinig plekken.”

Jos: „Ik ben contentspecialist voor de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht. Ik maak video’s, podcasts en schrijf teksten. Ik werk 36 uur per week en kan mijn tijd best flexibel indelen. Anne gaat twee dagen naar de opvang, onze ouders passen regelmatig op hem en we hebben een pappa- en mammadag.”

Willemijn: „Een kind en onregelmatige diensten vergt veel gepuzzel. Ik kan nooit beloven dat ik Anne van de opvang kan ophalen. Als er om 17 uur een patiënt binnenkomt, kan ik niet weg, want in de verloskunde gaat het bijna altijd om spoedgevallen. En zolang ik geen gynaecoloog ben en dus geen vaste plek in een maatschap heb, werk ik vaak in een ander ziekenhuis en varieert mijn reistijd sterk.”

Jos: „Daarom heb ik een flexibele baan in de buurt gezocht.”

Willemijn: „Als Jos een weekend weg wil, moet ik dat weekend vrij nemen of in elk geval geen nachtdiensten draaien. Gelukkig staan mijn ouders altijd paraat.”

Jos: „Laatst heeft Anne zijn eerste algemene ledenvergadering meegemaakt, van de stichting waarvoor ik actief ben; opa en oma waren ziek en toen heb ik hem meegenomen. Op schipperen met roosters hadden we totaal niet gerekend, want we zouden naar Afrika gaan. Daar heb je gewoon een oppas in huis.”

Albinisme

Willemijn: „Ik moet veel afspraken afzeggen. Ik ben bijvoorbeeld lid van een koor, maar de helft van de keren kan ik niet. En vroeger reed ik paard in het weekend, maar nu alleen als het uitkomt. We hebben afgesproken dat Jos’ afspraken in het weekend voorrang krijgen, omdat mijn werk al zoveel van hem vergt.”

Jos: „In mijn vrije tijd ben ik voorzitter van de Stichting Albinisme in Afrika. We leggen contact met bedrijven die zonnebrandmiddelen maken en die willen doneren als er bijvoorbeeld een partij over is of als er een foutje in de verpakking zit. Voor mensen met albinisme is zonnebrand een medicijn: het voorkomt huidkanker en ze krijgen minder last van zweren. Dat zorgt er weer voor dat ze minder worden gemarginaliseerd. We halen ook geld op voor het transport naar Afrika. Laatst ben ik, gesponsord door collega’s, voor 300 euro in de Oudegracht gesprongen.”

Willemijn: „Jos en ik plannen sinds de komst van Anne bewust tijd in voor elkaar. Daarvoor trokken we heel erg ons eigen plan. Er zit nu meer regelmaat in ons leven.”

Jos: „Als Anne slaapt, gaan we wel eens met de babyfoon op zak uit eten of wat drinken.”

Willemijn: „Altijd op maximaal vijf minuten van ons huis.”

Jos: „Binnenkort gaan we met vakantie naar Tunesië.”

Willemijn: „Vorig jaar hebben we met een camper rondgetrokken, maar dat was best intensief met een baby. Komende vakantie wordt luxer, in een hotel. Dat hebben we nog nooit gedaan, wij zijn meer van het backpacken.”

Tweedehands

Jos: „We hebben een geweldig huis in een leuke buurt, maar het is wel onhandig ingedeeld. Daarom gaan we verbouwen.”

Willemijn: „We hadden wel een duurder huis kunnen kopen, maar we willen hier kunnen blijven wonen als een van ons noodgedwongen zou moeten stoppen met werken. Bovendien willen we niet hoeven opletten hoeveel we uitgeven aan boodschappen of hoe vaak we uit eten gaan.”

Jos: „Je woont niet vlak bij het centrum van Utrecht om altijd thuis te zitten.”

Willemijn: „We kopen veel tweedehands. Kleding en speelgoed voor Anne bijvoorbeeld. Ik vind het onzin om voor 20 euro een broekje te kopen als ik het voor 3 euro tweedehands kan kopen. Ook onze meubels zijn veelal tweedehands.”

Jos: „Zelfs mijn fotoapparatuur voor werk is tweedehands.”

Jos: „Wat de toekomst betreft: vroeg of laat gaan we naar Afrika. Veel hangt af van de vraag of Willemijn de opleiding tot gynaecoloog kan gaan volgen.”

Willemijn: „We hebben inmiddels geleerd dat een strakke planning niet altijd werkt. Krijgen we bijvoorbeeld een tweede kind? We gaan gewoon zodra het in ons leven past.”