Ophef in Italië nadat politie jonge pro-Palestina-betogers slaat met wapenstok

De beelden van jonge, geweldloze demonstranten die, soms tot bloedens toe, geslagen worden door de anti-oproerpolitie gaan het internet rond. En veroorzaken een golf van verontwaardiging, bij gewone burgers, maar ook bij de Italiaanse president Sergio Mattarella, die de minister van Binnenlandse Zaken, Matteo Piantedosi, opbelde om te zeggen dat „autoriteit niet wordt afgedwongen met de wapenstok.”

Maar toch gebeurde vrijdag precies dit, in de Toscaanse steden Pisa en Florence, waar enkele honderden jonge betogers – onder wie veel scholieren – de straat op waren getrokken uit solidariteit met het Palestijnse volk.

Op filmpjes is onder meer te zien hoe de ordediensten in anti-oproeruitrusting de jongeren samendringen in een steegje, en er op losslaan met de wapenstok. De jongeren schermen hun hoofd af met hun armen. Een jonge vrouw die Maria heet, bloedt hevig in het aangezicht. Op andere beelden liggen jongeren op de grond.

Maria is een 21-jarige economiestudente die ging betogen in Florence. Toen de politie haar sloeg in het aangezicht, liep de jonge vrouw een gebroken neus op en een snee onder het rechteroog. Tegen Italiaanse media vertelde ze dat ze van plan is een klacht in te dienen en dat zij, net als de andere betogers, stilstond toen de politie plots chargeerde en klappen begon uit te delen.

Middelbare school in Pisa

De leraren van de middelbare school Russoli in Pisa, dicht bij de plek waar ook in die stad vrijdag is betoogd, reageerden verbolgen. „Wij vingen de jongens en meisjes uit onze school op in totale shock om het pak slaag dat ze hadden gekregen”, stelden zij in een mededeling over wat zij omschrijven als een „dag van schaamte”. Ze vragen dat iemand de verantwoordelijkheid neemt. Achttien jongeren, onder wie tien minderjarigen, werden voor verzorging naar de eerste hulp van lokale ziekenhuizen gebracht.

Volgens een reconstructie door de krant La Repubblica reageerde ook minister van Binnenlandse Zaken Matteo Piantedosi (onafhankelijke, maar dicht bij de rechtse Lega-partij) in eerste instantie furieus op de beelden van het politieoptreden. En toen hij telefoon kreeg van de Italiaanse president, beaamde hij dat dit niet door de beugel kan. Maar later krabbelde de minister terug, en klonk het dat de politie louter „gevoelige plaatsen”, zoals het Amerikaanse consulaat in Florence en de synagoge in Pisa, had willen beschermen.

Die stap terug gebeurde volgens La Repubblica nadat premier Giorgia Meloni de lijn had gedicteerd. „Wij staan onvoorwaardelijk aan de kant van de politie”, klonk het toen vanuit regeringshoek, „anders dan links, dat de kant kiest van oproerkraaiers”: een sneer naar de oppositie, die eist dat de minister van Binnenlandse Zaken uitleg komt geven in het parlement. „Als er individuele fouten zijn gemaakt, dan wordt dit onderzocht”, stelde de regering verder. „Maar dit begon met een niet geautoriseerde betoging. Punt.”

Lees ook Meloni zwijgt over neofascistische demonstratie

<strong>Fascistische groet </strong>bij de herdenking van drie neofascisten in Rome, zondagavond.

In een pittige analyse in La Repubblica, een blad dat dicht bij de oppositie staat, noemt Massimo Giannini het brute politie-optreden in Florence en Pisa „uitdrukkingen van het klimaat van autoritarisme dat deze regering elke dag voedt”.

De gebeurtenissen van vrijdag waren geen primeur. Sinds Meloni’s rechtse blok in oktober 2022 aan de macht kwam in Italië, vonden er bij nog vier andere confrontaties tussen protesterende studenten en de politie plaats.

Contrast met andere betogingen

Veel Italianen struikelen over dit contrast: waar pro-Palestinabetogingen van ongewapende scholieren hard worden opgebroken, konden in januari honderden neofascisten in Rome ongestoord de fascistische groet brengen. En achteraf hield de regering de lippen stijf op elkaar. Maar de politie voerde vorige week wél identiteitscontroles uit bij een handjevol mensen dat in Milaan een kleine herdenking voor de Russische dissident Aleksej Navalny organiseerde. En ook een concertganger moest zich onlangs bij de politie identificeren, nadat hij tijdens een voorstelling in het Milanese operahuis La Scala „leve het antifascistische Italië!” had uitgeroepen.

„Dat is de zeitgeist”, schrijft Massimo Giannini, „en die proeven de ordediensten ook”. Het zijn geen signalen dat het fascisme straks terug is in Italië, geeft hij toe, „maar deze rechterzijde bijt zich wel vast in al wat anders, abnormaal of afwijkend lijkt. Alles krijgt meteen een politioneel antwoord. Het is een vorm van soft totalitarisme.”

Zaterdag vond in Milaan nog een andere, en veel grotere betoging voor Palestina plaats. Hieraan namen duizenden manifestanten deel. Eén politieagente raakte lichtgewond.